Oké, stel je voor….
Je loopt ’s avonds in Toscane over de heuvels, door de bossen. Het is nog licht, maar de avond komt er wel aan. Je weet wel, wanneer de vogels nog een laatste liedje zingen, het licht al wat zachter wordt en de nachtdieren zo langzaam aan een beetje wakker worden….
Tussen de bomen, waar de schaduwen langer en donkerder worden, het licht zachter en je op de een of andere manier de nacht al ruikt (ik ben erg zintuigelijk ingesteld 😉) … Zie je het voor je?
Ik hoor hier en daar geritsel tussen de struiken. Maar ach, er liggen zoveel dode bladeren dat een veldmuisje nog zou ritselen, dus ik besteed er niet veel aandacht aan en loop in gedachten verzonken door met een half oog op m’n hond die vrolijk snuffelend voor me uitloopt.
Plotseling klinkt er geritsel wat wel heel hard is… Wat klinkt als iets dat veel en veel groter is dan een veldmuisje. Het rent parallel aan het pad dat we volgen, maar dan iets hoger op de berg.
Voordat mijn hoofd erover na kan denken wat het misschien kan zijn, klinkt er een soort van gegil en gelijk gaan alle alarmbellen in mijn hoofd rinkelen. Honderden dingen schieten tegelijk door mijn hoofd, gedomineerd door de gedachte; ‘als het maar geen zwijn is!’
(Met zwijnen heb ik namelijk niet zoveel op. Teveel verhalen gehoord van zwijnen die mensen aanvallen als ze jongen hebben en laat dat nou net rond april zijn.)
Je kent vast de drie automatische overlevingsmechanismes wel bij dreiging van gevaar; Fight-flight-freeze. Pongo heeft een hele sterke ‘fight’-reactie; zodra hij wat hoort, ziet of ruikt, springt hij er binnen een seconde bovenop.
Mijn hond verstart nu echter en blijft versteend staan. Ik gebruik dit moment om zijn riem vast te klikken, zodat hij er in ieder geval niet achteraan kan gaan. Dat hij in de eerste instantie een ‘freeze’ reactie heeft is uitzonderlijk en maakte me wel een wat zenuwachtig.
Maar ik werd pas echt een beetje bang toen het gegil nog een keer klonk en Pongo er vandoor wilde! Hij trok zo hard aan de riem, dat hij mijn arm bijna uit de kom rukte. Mijn stoere dappere hond, die altijd op alles af duikt, die zelfs de grootste Leonberger (héle grote hond) niet uit de weg gaat, die altijd vol gas in de aanval gaat… Die wilde nu vluchten? En niet zomaar vluchten, maar met alles wat hij in zich had!
Ik wilde dus echt niet weten wat zich daar tussen de bomen ophield en ben er dan ook maar zo snel mogelijk weg gegaan.
Thuis gekomen was ik natuurlijk toch wel nieuwsgierig wat het was geweest en ik heb het gevonden hoor. Luister maar naar het volgende geluid en lees het verhaal dan nog een keer met dit geluid in gedachten 😉
https://youtu.be/iPFTEuT3d4I?si=4SlhZqssIZ_PqiYQ
Conclusie; Vossen kunnen dus gillen en mijn zogenaamde stoere hond is eigenlijk een grote flapdrol! 😊
Lees ook mijn andere blogs over mijn Toscaanse avontuur!
